Terug naar boven

Omgaan met lastige medewerkers

Terug naar Nieuws

Ze komen in bijna ieder team voor: de lolbroek, de ambtenaar, de scepticus en de roddelkoning. Hoe herkent u deze lastige medewerkers en hoe kunt u het er beste mee omgaan?

1. De scepticus

Hoe herkent u hem?

De scepticus ziet altijd beren op de weg. En zijn ze er niet, dan verzint hij ze wel. ‘Die deadline gaan we nooit halen, voor dat project zijn we onderbezet.’

Hoe pakt u hem aan?

Steek geen energie in het overtuigen van de scepticus. Benader hem als een volwassen gesprekspartner. Luister, vraag dóór en neem reële tegenwerpingen serieus. Analyseer de oorzaken van het ‘ja maar’-gedrag. In veel gevallen heeft het te maken met onzekerheid. De scepticus is onzeker of hij een nieuwe taak wel aankan of voorziet statusverlies. Maak onzekerheid bespreekbaar en zoek samen naar oplossingen.

2. De lolbroek

Hoe herkent u hem?

De man of vrouw die altijd een mop of een kwinkslag achter de hand heeft. Vaak onschuldig, maar soms ook bedoeld om uw positie als leidinggevende te ondermijnen.

Hoe pakt u hem aan?

De lolbroek wil aandacht van de groep. Leg hem niet steeds het zwijgen op, maar geef hem regelmatig de kans om op de voorgrond te treden. Gebruik de lolbroek als het u uitkomt. Heeft u tijdens een vergadering tijd nodig om na te denken? Voer de lolbroek op: de aandacht gaat naar hem en er vindt ontlading plaats. Zodra u er klaar voor bent, neemt u het weer over.

3. De ambtenaar

Hoe herkent u hem?

De ambtenaar houdt van ordening. Hij werkt graag met lijstjes, overzichten en schema’s.Hij houdt zich aan afspraken en verwacht dat van anderen. Van losse eindjes of onuitgewerkte plannen krijgt hij de kriebels.

Hoe pakt u hem aan?

Val hem niet lastig met proefballonnetjes. Schakel de ambtenaar pas in als u alles inzichtelijk en overzichtelijk in beeld heeft gebracht. Gun hem de eer om nieuwe ideeën of concepten uit te werken in handboeken of procedures. Kader zo’n klus vooraf in en geef specifieke instructies voor de uitvoering.

4. De roddelkoning

Hoe herkent u hem?

In de hiërarchie van het wandelgangencircuit spant de roddelkoning de kroon. De roddelkoning voedt geruchten en stookt vuurtjes op.

Hoe pakt u hem aan?

Niks mis met een goede roddel: roddelen is een goede uitlaatklep bij conflicten, onvrede en ongenoegen. Gebruik de roddelkoning in uw eigen voordeel. Bevraag hem over wat er leeft. Zo neemt u zijn informele macht serieus. Hoeveel ruimte de roddelkoning krijgt, bepaalt u zelf. U bent als leidinggevende verantwoordelijk voor feitelijke en tijdige informatie. Roep onjuiste geruchten een halt toe. Spreek de roddelkoning daarop aan.

5. De doener

Hoe herkent u hem?

De doener is gericht op actie en resultaten: ‘niet kletsen maar poetsen’. Hij haakt af bij moeilijkheden of strubbelingen. Het gaat hem immers om het resultaat, níet om het proces.

Hoe pakt u hem aan?

Geef de doener opdrachten waar kortetermijnsuccessen zijn te behalen. Leg in uw werkrelatie met de doener het accent op resultaten, laat details zoveel mogelijk achterwege. Laat zien wat hij ermee opschiet als hij of zij met nieuwe voorstellen of klussen aan de slag gaat.

6. De dromer

Hoe herkent u hem?

De dromer heeft een grote verbeeldingskracht en is sterk in het genereren van nieuwe ideeën en verrassende invalshoeken.

Hoe pakt u hem aan?

Beloon de kwaliteiten van de dromer door hem in te schakelen voor innovaties en veranderingen. Geef de dromer de vrije hand in brainstorms. Laat hem weten dat geen idee of suggestie te gek is. Maar neem zelf het besluit. In de praktische uitwerking van ideeën staat de verbeeldingskracht van de dromer resultaten in de weg.